donderdag 20 september 2012

Donderdag 20 september


’s morgens voor de laatste keer alle rommel rijklaar inpakken, raar idee dat we vanavond weer in Nederland zijn. We rijden eerst maar even naar de bakker voor wat lekkers, en dan de route naar Nancy maar weer opzoeken. Aan die route nog even een parking in de zon zoeken voor ons ontbijt en dan het onvermijdelijke terugrijden. In Luxemburg even wezen tanken, bij Arlon op een iets gezelligere parking een koffiepauze, om dan de snelweg op te rijden naar het noorden.

De route is geen lol meer aan, het is nu gewoon zo snel mogelijk proberen in Zoetermeer te komen, voor de spits als het even kan.
Dat lukt redelijk, rond 16.45 arriveren we. De bus wordt op een paar gereserveerde plekken voor de deur geparkeerd, en dan kunnen we binnenploffen! Even lekker onder de douche, en dan lekker Indonesisch eten, heerlijk! Prima einde van de vakantie

Woensdag 19 september


’s Morgens is het gelukkig weer droog, en zelfs af en toe een zonnetje. Helaas is het wel behoorlijk fris, en trekken we voor het eerst deze vakantie ’s morgens al een lange broek aan. Snel een tosti eten, en dan gaan rijden. We willen proberen zo ver mogelijk te komen vandaag, zodat we morgen einde middag in Zoetermeer kunnen zijn. We rijden via Bourg-en-Bresse en Lons-le-Saunier naar Besancon, om vanaf daar via Vesoul richting Epinal te rijden. Onderweg even op een parking stoppen voor de lunch, en gelijk maar eens kijken welke kant we opgaan. Het blijkt dat we vlak langs een leuke plek komen waar we al eens eerder zijn geweest, Thaon-les-Vosges. De camperplaats ligt daar in een soort parkje, aan een ienimienie moezelriviertje. Aangezien de zon nog lekker schijnt, besluiten we daar maar neer te strijken en in de zon te gaan zitten.

’s Avonds lekker nog buiten gegeten, en even een rondje gelopen. Het hele dorp is uitgestorven, dus geen terrasje voor ons. Dan maar lekker binnen gaan zitten/hangen en een boek lezen, het is nu echt te koud om buiten te blijven zitten, helaas, we zitten nu echt te noordelijk..

Dinsdag 18 september


Na een heerlijk ontbijtje van eieren met spek en toast en verse jus, wordt het nu toch echt tijd om af te gaan wassen. De hele inhoud van de servieskast ligt namelijk al in een emmer te wachten. Nadat dat gedaan is, en de hele boel weer ingepakt is, wordt het tijd om af te gaan rekenen en te gaan rijden. We gaan nu echt richting het einde van de vakantie en richting Nederland.

Vanaf het meer rijden we via de dam bij St Croix du Verdon, Riez en Digne-les-Bains richting Grenoble. Daar wordt het tijd om weer te gaan tanken, en een paar kleine boodschappen te doen. We rijden nog even door, maar echt hard schiet het niet op, het is spits aan het worden. We raadplegen het camperboek, en vinden een plekje zo’n 65 km voor Bourg-en-bresse, een klein dorpje genaamd Montalieu-Vercieu. De plek is prima voor een nachtje, en we zetten de auto neer. Genoeg kilometers voor vandaag. We maken een soepje, en pakken een stokbroodje met wat lekkers erbij. Intussen begint het helaas steeds harder te spetteren, dus dat wordt weer binnen zitten/hangen/liggen.

dinsdag 18 september 2012

Maandag 17 september


Aangezien we in Frankrijk zijn, en nog maar 1 behoorlijke croissant hebben gegeten, is de jacht weer geopend. Volgens de mevrouw van de camping zat er 1 km van de camping in het dorpje een bakker. Dus de spullen maar in de bus, en die kant op, zodat we daarna gelijk even naar de slager in Aups konden voor fatsoenlijke worstjes. Helaas had ook die bakker geen croissants, maar niet getreurd, er zijn meer bakkers in Frankrijk! Gelukkig had de bakker in Aups ze nog wel, dus daar maar even wat gehaald. Dan de slager. De auto beneden op de parking gezet, en 3x heen en weer gelopen tussen de pinautomaat en de bus omdat je je pinpas vergeet, die niet werkt dus een andere moet gaan pakken, die ook niet werkt, en dan vervolgens het kluisje toch uit moet graven waar je eerst te lui voor was. Dan alsnog de slager, sta je voor zijn deur, is ie dicht op maandag. En bedankt!

Dan maar naar de supermarkt, we zijn het zat! Gelukkig hebben ze daar ook goed vlees, dat scheelt weer in de ellende! Poging 2 merquez en chipolata’s! als de buit binnen is, rijden we weer naar het meer. Via het gras de weg af, en weer installeren, zo’n slordige 2 meter verder dan gister, hier staan we nog iets rechter. Begin van de middag is het nog half bewolkt, maar hoe later hoe beter het opknapt. We blijven lekker liggen tot de zon achter de bergen is verdwenen, en rijden dan terug naar de camping. De was is inmiddels droog, dus die kan van de lijn af. Even douchen, en dan lekker gaan eten op het dooie gemak. Zin in afwassen hebben we niet meer, da’s voor morgenochtend.

Zondag 16 september


Aangezien nu onze accu’s weer leeg zijn, en we zin in croissantjes hebben, rijden we maar even naar Aups naar de bakker. De croissantjes waren helaas op, maar een baquette was er gelukkig nog wel te krijgen. Dan doen we het daar maar mee.

Als we terug rijden naar het strandje, kijken we vast even naar de campings en welke we dan gaan staan vanavond. De keus valt op Camping les Ruisses vlak bij Les Salles du Verdon, lekker dicht bij het strandje zodat we niet zo ver hoeven rijden.

Rond een uurtje of 6 pakken we de spullen in, en rijden we naar de camping. Er is nog plek genoeg, dus we zoeken een mooi plekje uit, niet te dicht bij de weg. Als we de stroom aan willen sluiten, blijkt dat onze stekker niet past, de blauwe campingstekker blijk 1mm dikker te zijn dan in het stopcontact past.. Erik loopt even naar de receptie voor een verloop, maar die mevrouw snapt het niet helemaal. Dus ze komt even kijken, net als onze nieuwsgierige buurman. In rap Frans wordt even uitgelegd dat het bizar is, en we mogen een verloop lenen. Probleem opgelost, we hebben stroom!

Eerst maar weer eens even wassen, das ook weer al nodig, aangezien de korte broeken op zijn. We hopen die nog lang nodig te hebben!

Daarna wat te eten maken. We hebben merquez en chipolata’s meegenomen, met het idee die lekker op de grill te gooien. Alleen niet met het idee ze in de vuilbak te mikken, manmanman die waren vies! Zo vreselijk vet, dat was niet normaal. Dan maar wat anders verzinnen…

Na het eten de ergste rommel maar even opgeruimd, en dan lekker naar bed.

Zaterdag 15 september


’s morgens zien we op de parking waar we staan een paar stokbroden voorbij komen lopen, er moet dus een bakker in de buurt zitten. Na een klein rondje lopen geen bakker te zien, we besluiten de spullen maar in te pakken en in het volgende dorpje een bakker te zoeken.

We halen een paar croissantjes, doen nog een paar kleine boodschapjes en rijden dan door naar het lac St Croix. Het strandje waar we al meer zijn geweest, is nu helaas voorzien van een werkende hoogtebeperking. De boom is met sloten vastgezet, in plaats van dat ie open staat zoals voorgaande jaren. Das mooi balen. Dan maar even verderop kijken, bij de andere inrit naar datzelfde strandje. Ook hier een boom, maar ook een mooi spoor door het gras om de boom heen. Enige wat je daarvoor nodig hebt is een behoorlijke bodemspeling onder je bus, maar die hebben wij gelukkig wel. In tegenstelling tot een andere camper die er ook naar stond te kijken. (die heeft overigens afgehaakt) We zijn weer op “ons” strandje! Het is er helemaal niet druk, en lekker weer, dus zwemkleren aan, strandbedjes pakken en er lekker bij gaan liggen. Het water is er zoals vanouds lekker fris, dus heerlijk om even af te koelen.

Hoe verder de dag vordert, hoe meer camperbussen er verschijnen. Toch vreemd, je mag hier namelijk absoluut niet camperen! We besluiten de kat uit de boom te kijken, en maken wat te eten klaar. Al snel wordt het duidelijk, het meerendeel van de busjes is niet van plan nog te vertrekken, er worden zelfs nog wat tentjes opgezet.. ook in Frankrijk zijn regels er om aan je laars te lappen!

Intussen is er nog een clubje meiden voor ons komen liggen aan t strandje die daar willen picknicken en pasta koken, als ze erachter komen dat hun gas op is. Die zijn slim, en lopen naar ons toe of wij nog een busje hebben. We geven ze ons losse brandertje mee, en ze zijn dolblij!we komen er niet onderuit om een biertje/wijntje van ze aan te pakken! Goeie deal!

Als de zon onder is, zetten we de bus tegen de bosrand aan, en gaan lekker in bed liggen en hopen lekker te gaan slapen. Alleen valt dat vies tegen… Een aantal anderen op het strandje hebben besloten dat dit wel een leuke plek is voor een mini houseparty..

Vrijdag 14 september


Na het ontbijt hebben we de laatste spullen ingepakt, vers water bijgevuld en konden we rijden.  Van Valpedo via Genova de kust langs richting Frankrijk was het plan. De kustweg was poepiedruk, echt niet leuk meer. Normaal rijden we graag binnendoor, en niet over de snelweg, maar dit was niet te doen. Dus maar even boodschappen doen, lekkere dingen inslaan, en dan toch maar een stukje peage genomen, tot vlak voorbij Nice. Daar de snelweg af, en binnendoor richting Draguinan en Aups. We willen nog een paar dagen bij het lac st Croix gaan staan, om daar nog even van de zon te kunnen genieten. Van eerdere vakanties wisten we maar al te goed dat de franse zuidkust niet aan ons besteed is.

Eind van de middag, begin avond. Het wordt tijd om een overnachtingsplek te gaan zoeken. We zijn het autorijden meer dan zat, en zodoende komen we in Fayence uit. Toen we daar aankwamen, kwamen we erachter dat we daar al eens waren geweest, maar niet op die plek hadden overnacht, wat we nu dus wel gaan doen. Het is de parking van de locale tennis.

Al snel blijkt dat er vandaag wat te herdenken valt, het stikt er namelijk van de mannen met een hoop chauvinistische kleuren enzo op hun kleding. Wat blijkt, we staan ongeveer 5 meter van een of ander oorlogsmonument. We zetten de stoeltjes en het tafeltje buiten, tijd om wat te eten te maken.

De temperatuur is hier nog lekker, dus we zitten nog een tijdje buiten, tot ons lampje uitgaat.

Donderdag 13 september


Gelukkig, het is inmiddels droog, maar nog wel dreigend en koud.  We rijden vanaf Gradisca d’isonzo richting Venetië naar Treviso, en we komen er achter dat we daar op een rotonde al eens zijn geweest. De kruising van ons rondje Europa!  Vanaf Treviso rijden we naar Vicenza, nemen een stuk Autostrada tot vlak voorbij Piacenza, en rijden dan de rimboe in naar Valpedo. Een klein dorpje met een camperplaats bij de plaatselijke sportvelden. Gelukkig is het inmiddels wat beter weer geworden, de zon schijnt zelfs! Aangezien het eigenlijk de hele weg rotweer is geweest, hebben we maar veel km gemaakt, om morgen Italië achter ons te kunnen laten. Het is rotweer tot in Toscane, dus die kant hoeven we ook niet op.

Als we rustig zitten te eten, wordt het langzaamaan wel druk op het sportveld. Er komen steeds meer voetballers ten tonele, en ja, we zijn getuige van de Italiaanse donderdagavond amateurs! 1,5 uur later is het 2-2 en einde wedstrijd. Wij gaan naar bed, en al snel gaat ook de verlichting langs het veld uit. De derde helft wordt blijkbaar ergens anders gespeeld.

Woensdag 12 september


Na ons broodje te hebben opgehaald en ontbeten, eerst maar weer de rommel opruimen. Toilet legen, de afwas doen, zodat alles weer schoon en opgeruimd is als we vertrekken. Afhankelijk van het weer en hoe goed we kunnen doorrijden, willen we vannacht overnachten in Slovenië of in het noorden van Italië. Eerst rijden we een stuk langs de kust naar Makarska, daar willen we nog even boodschappen gaan doen om de voorraad weer aan te vullen. Als dat gebeurd is rijden we naar Zadvarje, om daar via een soort bergpas naar de snelweg te rijden, om de drukke kust  een beetje te ontwijken.  We hebben de weerberichten eens bekeken, en besloten dat we nog een paar dagen in Frankrijk willen gaan staan, tussen kroatië en Frankrijk is het knudde, dus maar doorrijden. We rijden de snelweg op, en blijven daar tot Zuta Lokva oprijden. Daar rijden we weer via een bergpas naar de kust toe en komen uit bij Senj. Het stuk snelweg is heel eentonig, ook qua landschap, vooral rotsig en lage struikjes, en af en toe wat dorpjes in de verte.. Bij Senj zijn we op zoek gegaan naar een klein restaurantje ofzo, om even wat te snacken ’s middags. Uiteindelijk werd het een wegrestaurantje, met een verrukkelijke kippengoulash voor Joline, en een mixgrill voor Erik. Iets anders dan een snack maar dat scheelt vanavond weer… Vanaf Senj zijn we doorgereden via Rijeka naar Rupa, op de grens met Slovenië. Daar begon het feest. Blijkbaar was de jacht op goedkope sigaretten geopend, er werd gevraagd wat we bij ons hadden. Nou meneer, 4,5  pakje. Die we ook hebben laten zien. Hij vond dat blijkbaar merkwaardig, dus erik mocht de bus opendoen aan de zij en achterkant. Na nog 10x gevraagd te hebben waar we de sigaretten hadden, en hoeveel drank, geloofde hij ons blijkbaar dat het maar 4,5 pakje was, en een paar flessen wijn, en konden we doorrijden. Het stukje slovenië was op zich wel mooi, heel erg groen. En duurde gelukkig maar 30 km, want het regende er. Bah! Snel maar doorrijden naar de grens met Italië. we verwachtten eigenlijk dat het daar ook wel weer zo gezellig zou kunnen zijn, maar dat viel heel erg mee.. er was nog te zien waar ooit de grenspost Kozina was, maar dat was alles. Hoera, we zijn weer in de beschaafde wereld.  Helaas regende het nog steeds, en we waren het zat. Het camperboek maar weer gepakt, en iets voorbij Trieste landinwaarts een camperplek gevonden, in Gradisca d’Isonzo. Op een parking in het dorp. Het dorp hebben we maar gelaten voor wat het was, de regen kwam met bakken uit de lucht. Even buiten staan roken onder de plu wordt gelijk afgestraft met een paar zeiknatte slippers, het water staat enkelhoog. Dus maar lekker naar bed, en nog even lezen. Helaas koelt het door die regen vreselijk af, en we liggen te verrekken van de kou onder ons lakentje.. midden in de nacht maar even een tshirt en broek pakken en verder slapen.

Dinsdag 11 september


’s morgens snel even een paar tosti’s gebakken als ontbijt en dan weer de auto in. Het plan voor vandaag is om in kroatië uit te komen, en wel zo hoog mogelijk. Vanaf Barbullush rijden we via Shköder naar Muriqan, op de grens met Montenegro. Als we daar staan te wachten krijgen we een telefoontje van Martijn, we zijn oom en tante geworden van Elin OliviaWilhelmina! Met papa, mama, en de kleine Elin is gelukkig alles goed. Alleen moet ze nog even wachten voor ze haar oom en tante te zien krijgt! Na een half uurtje wachten zijn we ook deze grens gepasseerd, en kunnen we onze weg vervolgen naar Kroatië. Vanaf Muriqan rijden we richting Ulcinj met als plan daar de doorgaande weg langs de kust te volgen. Helaas staat de weg niet echt lekker aangegeven, en hebben we dus ergens een afslag gemist. Balen, want we eindigen midden in een vreselijk touristische stad.

Nadat we even hebben rondgereden, vinden we de weg die we moeten hebben, vanaf Ulcinj , via Bar, Budva, Tivat, hier met het bootje over naar Kamenari, dan door via Herceg Novi naar Igalo, waar de grens met Kroatië is. Na ook hier weer even te hebben gewacht, uitleg waarwe vandaan zijn gekomen en waar we naar toe gaan, mogen we doorrijden. Montenegro zijn we uit, nu Kroatië nog in. Dat duurt ietsje langer, maar al met al mogen we zeker niet mopperen.

Vanaf Igalo rijden we langs de kust naar het noorden. De kust is hier heel erg mooi, maar echt vreselijk toeristisch en heel erg druk! Heel veel mooie baaitjes waar je helaas absoluut niet met de auto kan komen, en de grotere baaien met dorpjes en 1000 bordjes langs de weg in 4 talen wat er wel niet voor geweldige hotels/restaurants/campings en weet ik wat nog meer er te vinden zijn. We rijden door, het is nog redelijk vroeg in de middag, en we willen in elk geval het zuidelijk deel van Kroatië uit zijn, aangezien we nog ongeveer 10-15 km door Bosnië moeten, en we niet weten wat we daar aan de grens kunnen verwachten. Het is een heel rare gewaarwording om vlak bij die grens Sarajevo op de borden te zien staan, aangezien het enige waar je die stad van kent, de oorlog op de balkan is, en nu rijden we er maar zo’n 200 km vandaan. De grensovergangen daar stellen helemaal niks voor: de bosniërs controleren alleen de kroaten, de kroaten alleen de bosniërs. De rest kan zo doorrijden.. Dat doen we dan ook , en we rijden via Opuzen tot vlak na Gradac langs de kust door.  Daar vinden we een camping voor een nachtje, met een strandje waar we eerst eens lekker in het water duiken, even lekker opfrissen! Daarna de bbq maar aan om wat te eten te maken. We hadden nog bufferworstjes uit Griekenland meegenomen, die maar eens proberen. Helaas toch weer de fout gemaakt om rode worstjes mee te nemen, die net als vorig jaar niet te eten waren.. heel erg muffe smaak, waarschijnlijk fenegriek. Bah…… gelukkig hebben we nog wel wat andere dingen om bij ons broodje op te peuzelen. ’s Avonds staan we nog even met een paar Nederlanders te kletsen, die willen met de caravan naar een stadje, maar vragen zich af of daar een camping in de buurt is, helaas kunnen onze camperboeken hen ook niet verder helpen. De eigenaar van de camping komt nog even langs of we brood willen bestellen, dat slaan we niet af. Dan wordt het tijd om te gaan slapen

 

Maandag 10 september


Vandaag laten we Griekenland achter ons. Eerst even naar de bakker voor een ontbijtje, dat nog even opeten aan het strandje, en dan is het tijd om te gaan rijden. Via Igoumenitsa en Ioannina rijden we naar de Albanese grens bij Kakavia. Die grens kunnen we redelijk snel passeren, als er eenmaal iemand in het hokje zit. Dan gaan we verder richting het noorden van Albanie. Van te voren hebben we al even gekeken waar we kunnen overnachten, en hebben in het noorden in Barbullush een camping gevonden. Weliswaar van een paar Nederlanders, wat tegen onze principes is eigenlijk, maar hier stellen we niet zulke hoge eisen. Vanaf Kakavia rijden we via Gjirokastër, Fier, Durrës en Lezhë naar Barbullush. In Gjirokaster eerst maar een pinautomaat zien te vinden, zodat we lokale Lekë kunnen halen om te gaan tanken. De ene automaat wou mijn pasje niet hebben, de bank ernaast had in plaats van een pinautomaat een paar mannen voor de deur staan met een tamelijk proppeschieter in hun handen, maar gelukkig was er aan de overkant nog een pinautomaat. Om de hoek was een benzinepomp, dus dat was mooi. We konden weer verder.

De wegen zijn het eerste stuk heel redelijk, tot aan Tepelenë kunnen we best goed doorrijden. Helaas na het bewuste dorp wat minder. Ze zijn hier de wegen behoorlijk aan het opknappen, wat dus gepaard gaat met een hoop wegen waar het bestaande asfalt afgehaald is, en we dus over stoffige gravelwegen moeten rijden. Over een traject van zo’n 50 km komen we heel wat van dergelijk stukken tegen. De stukken die al opgeknapt zijn, zijn werkelijk hele mooie stukken weg, en daar kunnen we de schade weer inhalen.

Albanië rijdt helemaal vol met mercedessen, zoals we al geleerd hadden van Top Gear, echt niks overdreven aan, van de 10 auto’s zijn er zeker 9 een mercedes, van vreselijk oud tot splinternieuw. Behalve auto’s kom je daar op de doorgaande wegen nog andere dingen tegen, zoals brommers die bijna niet meer vooruit komen, fietsers, paard en wagen, ezelkarren of mensen te paard. Ja die rijden dus ook op de autowegen, en ook tegen het verkeer in.. opletten geblazen dus!

Tot aan Fier is het landschap niet echt mooi te noemen, redelijk kaal, behalve rond de dorpjes. Verder naar het noorden wordt het wat meer groen en landbouw. Niet zulke percelen als bij ons, omdat heel veel nog met de hand wordt bewerkt. Maïskolven worden per stuk van de plant getrokken, daarna kapt iemand de plant om en mikt die op een kar. Als dat gebeurd is met het hele veld, worden vervolgens de stoppels in de fik gezet. Zodoende komen we dus heel wat vuurtjes tegen.

’s Avonds tegen een uurtje of 6 zijn we dan eindelijk bij de camping, aangezien het nog steeds wel lekker weer was, eerst maar eens een borrel in de zon. Zin om te koken hebben we niet,  dus in het restaurant van de camping maar wat eten. De keuze is een snitsel of varkenshaas met friet en salade, niet bijster interessant. Aangezien het vega alternatief friet en salade is, nemen we toch de vleesjes er maar bij.. nog even bij de camper een borrel, en dan lekker slapen. We zijn redelijk op van een dag in de auto, en morgen willen we door richting Kroatië. Het platteland van Albanië trekt ons niet echt om nog een dag te blijven.

Zondag 9 september


Het strandje van de afgelopen nacht was prima, maar dat hadden we wel weer gezien. En aangezien de accu’s ook ver leeg waren, werd het tijd om weer te gaan rijden. Na een kort beraad over de te volgen route, besloten om langs de kust richting Igoumenitsa te rijden. Griekenland met de camper is geweldig, maar te groot om in 3 weken te doen. We laten de oostkant van het land dus voor wat ie is, en gaan over land terug.

We laden de spullen in, en gaan rijden. De westkant van Griekenland is mooi, maar helaas zijn er niet veel camperstrandje te vinden, dus rijden we naar Plataria, een klein dorpje aan de kust, zo’n 10 km onder Igoumenitsa.

Aangezien dit onze laatste avond Griekenland is, verwennen we onszelf met een etentje. Vandaag wordt de mix vis aanbevolen, en dat laten we niet aan onze neus voorbij gaan. Gegrilde dorade’s, calamaria, gavros (kleine gefrituurde visjes) en scampi’s met wat groens als garnering. De frites die we los bij kunnen bestellen laten we voor wat ze zijn, en nemen nog wat voorgerechtjes erbij  voor de vitamines.

Na het eten op het gemak terug naar de bus en lekker gaan slapen. De spullen zijn zoveel mogelijk al ingepakt, dat we morgen als we wakker zijn gelijk kunnen gaan rijden.

Zaterdag 8 september


s’ Morgens na het ontbijt de spullen weer ingepakt op de camping. Deze kant van het eiland hebben we wel gezien eigenlijk. We hopen een plekje te vinden waar we lekker aan het strand kunnen staan, dus gaan we de andere kant van Lefkada maar eens bekijken. In Lefkada stad eerst maar weer boodschappen doen. We zijn er inmiddels al achter dat het niet makkelijk is om op zondag boodschappen te moeten doen, dus checken we regelmatig de agenda om te kijken welke dag het is… Nadat de boodschappen zijn ingeladen, rijden we verder de oostkant van het eiland naar beneden. We zien best mooie strandjes, maar die zijn ook errug gezellig, niet aan ons besteed dus. Op sommige strandjes is Scheveningen bij 30 graden nog minder druk, zo afgeladen is het er. Andere strandjes kan je de camper niet kwijt of staan er borden dat je er niet mag camperen. Al snel hebben we het bekeken, en besluiten we Lefkada maar te verlaten. Na een korte blik op de kaart, plannen we onze route rondom een stuk binnenzee/meer boven Lefkada, op het vaste land. We rijden voorbij Vounitsa en slaan dan ergens in de middle of nowhere af om te kijken wat er daar is.. we vinden daar een heel klein kiezelstrandje aan die binnenzee. Een mooi plekje voor ons. Er liggen welgeteld 2 mensen op het strandje, en in de baai ligt nog een zeilboot. Na een middagje strand, merken we dat het langzaam aan tegen de avond loopt omdat een kudde schapen van de berg afkomt.. de geiten aan het strand worden ingewisseld door de schapen die komen drinken en van de struiken eten.  Voor ons wordt het langzaamaan etenstijd, en onder genot van een ouzootje eten we gebakken kippenvleugeltjes en een griekse salade. Sterren kijken zit er vanavond helaas niet in, het is redelijk bewolkt.

Vrijdag 7 september


Na een ontbijtje en de noodzakelijke was, maar weer de spullen bij elkaar geraapt en naar een strandje gegaan. Ook hier, weer die mooie ruige kust. Daardoor dus ook weer een keienstrandje en keien in de branding.. niet te ver in zee dus. Helaas wel merkbaar dat het er wat toeristisch is.. zonder een vriendelijk kali mera, staat er een kerel voor je neus dat je geld moet betalen voor de strandbedjes. Wat hij niet weet is dat ie zn eigen glazen ingooit, en we daar dus niks te drinken of te eten gaan halen, wat we wel van plan waren als de bedjes gratis waren.. na een tijd lekker op het strand te hebben gelegen, nog even wat verder het eiland over gereden. Richting Vasiliki, eens kijken hoe het daar is. Niet echt aan ons besteed, nog steeds toeristisch, en dan voornamelijk op Oostblokkers gericht.. even een paar boodschappen doen, en dan maar weer naar de camping.

Nog even in Agia Nikita wezen kijken, een dorpje vlak bij de camping. Ondanks dat het er van hotels en appartementen aan elkaar hangt, ziet het er nog best gezellig uit. Het is nog te vroeg voor ons om te gaan eten, het is namelijk nog licht, dus we gaan lekker naar de camping en zetten de bbq maar aan. 

Donderdag 6 september


Na ’s morgens lekker te hebben ontbeten zijn we doorgereden naar Lefkada. Op het camperforum had ik gelezen dat het wel een leuk en mooi eilandje zou zijn. Aangezien dat ongeveer 8 meter vanaf het vaste land ligt, door middel van een pontonbrug vast aan het eiland, leek ons dat wel wat om te gaan proberen. Eerst maar eens aan de westkant gaan kijken. Het is daar heel ruig, en dus mooi! Via een enorme kronkelweg naar een strandje gereden. Daar zelfs nog een plekje gevonden waar we ’s nachts konden blijven staan. Eerst dus maar lekker aan het strand gaan liggen. Het strand bestond er  uit kiezels en keien, dus de bedjes maar even mee. D e zee had behoorlijke golven, en vanwege de keien in de branding die je niet zag, maar niet te ver erin.. helaas…na lekker te hebben gelegen en afgekoeld van een dagje rijden was het plan lekker bij de bus te gaan zitten. Na daar welgeteld 2 minuten te hebben gezeten, werden we al gek van de horzels. Spullen inpakken en wegwezen dus. Aangezien we niet snel een ander strandje voor het oprapen hadden, maar besloten om de campingbordjes te gaan volgen die Erik al eens had gezien. Die camping, camping Kamtisha,  was prima! Tussen de olijfbomen, op een terassencamping. Na een redelijk vlak plaatsje te hebben uitgezocht maar eens wat te eten gemaakt. Daarna nog even lekker relaxed blijven zitten, en dan maar naar bed.

 

Woensdag 5 september


Al vroeg wakker, de vuilniswagen vindt het nodig om als het nog donker is al op het strand de vuilnisbak leeg te komen maken. Toch nog maar even omdraaien tot het licht is en we naar de wc moeten. Daarna ons plan voor vandaag maar maken. Op de kaart hebben we al gezien dat er in het binnenland nog een meer ligt, met een redelijke route eromheen. Aangezien we vandaag toch wat kilometers moeten maken omdat de accu’s leeg zijn, maar eens die kant op. vanaf de camperplek eerst richting Nafpaktos, daar even tanken en wat vlees en brood halen, en dan richting Thermo, wat in de bergen bij het meer ligt. De route erheen is er weer één! Al slingerend door de bergen, over een af en toe wel heel smal weggetje, maar weer heel erg mooi.

Thermo  lijkt een gezellig dorpje, met een leuk dorpspleintje. Tijd voor wat te drinken. We zoeken een terrasje op, onder een paar plantanen die er zo te zien al even staan, een stam van een meter doorsnee bereik je niet zomaar met een slokje pokon.. We bestellen wat te drinken, en vragen om het menu, om te bedenken of we ook nog wat gaan eten ja of nee. De dames bediening spreken behalve yes en no en salad geen enkel woord engels, dus we worden meegesleept de taverna in om te kijken wat de pot schaft. Beest aan het spit, waarschijnlijk een geit, aan de kop te zien die in de vitrine ligt, of een kip. Doe de geit maar dan, dan nog de keus uit gevulde paprika of aubergine, de laatste ziet er ook prima uit. Nog een griekse salade erbij, en wat friet wat bij de geit hoort, en de maaltijd is weer compleet. We hebben heerlijk gegeten!

Daarna weer verder, Thermo is nou niet echt een dorpje waar je makkelijk even illegaal een nachtje kan doorbrengen. In het boekje van die duitsers hadden we een plekje gezien aan dat meer. Daar maar naartoe via allerlei smalle kronkelweggetjes. Net als je denkt dat het niet smaller kan, kom je in een dorpje waar het toch nog wat smaller wordt. Zou hier nou ook nog een bus rijden? Via de olijfboomgaard komen we uiteindelijk beneden aan het meer. De camperplek blijkt een stuk verlaten strandparking  tussen wat rietpollen, en een vreselijke moeraslucht uit het meer. Hier gaan we dus niet voor de lol staan! Via de andere kant van het meer, en Mesolongi rijden we maar weer naar Kato Vasiliki, ons geitenstrandje.